Verslag bijeenkomst bezoekersraad HCL 2 november 2006
Aanwezig: Rients Faber, Ad Fahner, Jan Folkerts, Michiel Frankot, Otto Roemeling (vz.), Tineke Slof en Jan van der Woude (not.).
Afwezig: Herman Maring en Klaas Zandberg (beiden met kennisgeving).
1. Evaluatie bezoekersraad:
- De voorzitter memoreert dat het HCL destijds het initiatief tot de oprichting van een bezoekersraad heeft genomen. Nu deze raad een aantal jaren heeft bestaan kan men zich afvragen of hij aan de verwachtingen van het HCL heeft voldaan. Jan Folkerts antwoordt dat de verwachtingen van het HCL niet scherp waren omlijnd. Een doelstelling was wel om het publiek sterker bij de ontwikkeling van het HCL te betrekken, systematisch informatie te verzamelen van belangrijke doelgroepen en geregeld overleg te hebben met bepaalde gebruikersgroepen. Hij denkt dat we dicht bij deze oorspronkelijke doelstelling zijn gebleven door regelmatig te vergaderen en ziet dan ook geen reden om er mee op te houden; veel hangt verder af van ieders persoonlijke betrokkenheid. Overigens zijn nieuwe doelgroepen (bijv. toeristen), die het HCL benaderen wil, nog niet vertegenwoordigd in de bezoekersraad; ook de medewerkers richten zich nog op de oude doelgroepen.
- De voorzitter stelt dat de leden van de bezoekersraad geen vertegenwoordigers zijn; er is weinig respons uit de achterban. Dat laatste kun je volgens Tineke Slof ook positief duiden: kennelijk valt er weinig te klagen! Jan Folkerts meent dat we er toch het maximale niet uit halen. De gebrekkige faciliteiten maken het voorshands onmogelijk bepaalde doelgroepen te ontvangen. Straks, in het nieuwe gebouw, kan dat wel. Ad Fahner verwacht vooral in het eerste jaar een grote toeloop; dan liggen er kansen om nieuwe doelgroepen te benaderen.
Reacties leden:
- Rients Faber is van mening dat het bestaan van de bezoekersraad er op wijst dat het HCL een open Organisatie is. Zijn ervaring is dat het HCL zich voortdurend inzet voor de verbetering van de kwaliteit van de dienstverlening en steeds anticipeert op nieuwe ontwikkelingen. Hij hoopt na zijn pensionering het archiefwerk weer te hervatten.
- Ad Fahner wijst op het grote verschil tussen vroeger (de tijd van het gemeentearchief) en nu:
de drempel is voor het publiek een stuk lager komen te liggen. Hij is ingenomen met het bestaan van het “winkeltje”. - Otto Roemeling sluit zich hierbij aan: het is zeker zo dat het archief veel meer dan vroeger naar de mensen wordt gebracht. Misschien moeten de omliggende dorpen nog wat meer aandacht krijgen.
- Michiel Frankot heeft, ofschoon hij daar nog geen ervaringen mee heeft opgedaan, wel plannen om leerlingen van het vmbo met het HCL te laten kennismaken. Te denken valt aan mogelijkheden om iets aan streekgeschiedenis of aan de geschiedenis van de sociale voorzieningen te doen. Ad Fahners ervaring is dat de kinderen, ook uit het vmbo, wel degelijk zijn geïnteresseerd; in het nieuwe gebouw wordt het makkelijker om hen te ontvangen en presentaties te verzorgen.
- Tineke Slof bezoekt het HCL regelmatig. Klachten meldt zij dadelijk; meestal gaat het dan om kleine dingen, zoals de gebruiksonvriendelijkheid van de apparatuur. Van de NVG-leden bereikt haar nooit een klacht; ook is er nauwelijks respons met betrekking tot de nieuwbouw. Overigens heeft Tineke nog geen uitnodiging gehad voor een vergadering van de groep die zich met de inrichting van de nieuwe studiezaal bezig houdt.
- Jan van der Woude mijmert over de tijd, nu al weer jaren geleden, die hij op het vroegere gemeentearchief doorbracht. Eén ding is er niet veranderd: de vriendelijkheid en hulpvaardigheid van de medewerkers tegenover de bezoekers. Hij pleit voor rust en stilte ten behoeve van onderzoekers in de nieuwe studiezaal, maar Jan Folkerts meent dat doodse stilte niet meer van deze tijd is. Misschien kunnen half-gesloten studiehoeken worden gebouwd.
De voorzitter concludeert na afloop van deze evaluatie: “toch maar doorgaan!”. Op de volgende bijeenkomst zal o.a. een bespreking van het beleidsstuk “Het Historisch Centrum Leeuwarden in 2007 en 2008” op de agenda staan. Dit stuk zal worden toegezonden.
Volgende bijeenkomst:
Donderdag 8 februari, 16.30 uur.
